Zwanger!

Jaap van den Broek Humphrey 24-1-2018 14:45
Categorie√ęn: Columns
 
Als 34-jarige man werkte ik al enige tijd als sales consultant bij een gerenommeerd adviesbureau. De financi√ęle crisis noodzaakte veel organisaties om mensen op straat te zetten. Gerenommeerd of niet, ook bij dit bedrijf halveerde zich het personeel in twee jaar tijd.

Zoiets is allerminst bevorderlijk voor de sfeer binnen zo’n organisatie. Ik had er een dubbel gevoel bij. Al enige tijd wist ik mijn positie niet geheel meer zeker. Dromerig zat ik mij vaak af te vragen wat ik verder met mijn leven zou willen doen. Bedrijven in crisis investeren echter niet in werknemers die dromen.

Na twee jaar ploeteren zonder wezenlijk resultaat was mijn inzet ook wel tanende. Wel was ik zo scherp dat ik de nare boodschap aan voelde komen. Al enige keren was ik met mijn manager in gesprek geweest over verbetering van mijn resultaten. Binnen het bedrijf is de hoogte van de omzet leidend als indicatie van je presteren. Zolang de omzet hoog genoeg is, hoor je niemand. Indien de omzet achterblijft, worden de gesprekken mettertijd intensiever en serieuzer van aard.

Om mij heen zag ik, gedurende de crisis, dagelijks collega's met bedrukte gezichten een lege doos op hun bureau planten. Alvorens die werd gevuld met in de loop der tijd verzamelde prullaria. Ik zag ze met de doos onder de arm onverwijld het pand verlaten, om nooit meer terug te keren. Sommigen sputterden nog tegen. Een enkeling liet het aankomen op een rechtszaak. Zelf wilde ik het niet zover laten komen. De uitslag stond toch al vast.

Toen kwam de dag waarop het mijn beurt was. De serieuze toon die mijn manager zich aanmat in het gesprek met mij, met de HR-Manager als getuige, was op zijn zachtst gezegd onheilspellend. Zij bracht het slechte nieuws zonder omwegen en met een scherpe ondertoon van "point of no return" in zich.

De HR-Manager zat er wat passief bij. Als inmiddels doorgewinterde ontslagspecialist wist hij al wat er komen ging. Alle menselijke emoties had hij vast al eens voorbij zien komen. Het was het zoveelste verplichte nummer voor dit duo.

Daarom besloot ik ze van hun stuk te brengen. In een eerste reactie opperde ik tussen neus en lippen dat ik zwanger zou zijn. Alleen de HR-Manager keek verrast en gniffelde onnozel voor zich uit. Mijn manager concludeerde dat niet het geval kon zijn, en zei dat ook, bloedserieus: zoiets is schier onmogelijk!

Met onbegrip over zo weinig humor in de mens nam ik de eerst beschikbare lege doos mee naar mijn bureau. Ik was de enige die vertrok zonder een bedrukt gezicht.

Jaap van den Broek Humphrey
Op persoonlijke titel geschreven

Reageer